Als de ene rechter aan de andere rechter de vraag stelt, “Hóe heb je in deze zaak beslist?” zal hij antwoorden: “Gegrond” of “Ongegrond”. Als je partijen vraagt naar de zaak, dan blijken zij heel andere aspecten belangrijk te vinden. “Hóe is de rechter in deze zaak tot zijn beslissing gekomen? Heeft hij écht geluisterd? Is hij een gesprek aangegaan over wat het echte probleem is? Heeft hij ruimte geboden voor het inbrengen van argumenten en bewijs?” De antwoorden op deze vragen bepalen in belangrijke mate of zij de uitspraak van de rechter aanvaarden, dragen bij aan hun vertrouwen in de rechter en vormen daarmee een belangrijke voorwaarde voor de legitimiteit van de rechter.  

In dit interview lichten André Verburg en Antoinette Schaap toe hoe zij als bestuursrechter in de praktijk vorm geven aan de inzet op procedurele rechtvaardigheid.